Sedert 1970 staat in de Utrechtse Domkerk een gaaf bewaard kabinetorgel van Gideon Thomas Bätz uit 1796, in 1967 gerestaureerd door D.A. Flentrop en in 2000 door de Gebr. Van Vulpen.
Peter van Dijk, als adviseur bij de laatstgenoemde restauratie betrokken, beschrijft dit instrument in Het Orgel 2018 nr. 1 (pagina 4-9).

Het kabinetorgel van G.Th. Bätz in de Domkerk, Utrecht.  Foto: Jan Smelik

Het kabinetorgel van G.Th. Bätz in de Domkerk, Utrecht.
Foto: Jan Smelik

Bekend is dat het orgel op een onbekend moment in Kasteel Middachten werd geplaatst. Dat was in het bezit van de adellijke familie Van Reede, maar werd eind-18e eeuw niet door familieleden bewoond. De familie bewoonde des zomers Kasteel Amerongen en had een winterverblijf in de stad Utrecht. In 1813 plaatste Gideon Thomas Bätz een orgel op Kasteel Amerongen. Daartoe had hij overigens in 1780 al de opdracht ontvangen.

Mede op grond van deze gegevens is sedert 1975 verondersteld dat het Bätz-kabinetorgel uit 1796 oorspronkelijk in het bovengenoemde Utrechtse winterverblijf werd opgesteld en vervolgens op enig moment naar Kasteel Middachten verhuisde. Nader onderzoek van Mieke Breij en Peter van Dijk werpt echter een nieuw licht op deze hypothese.

Losse uitgaven van Het Orgel zijn ad € 11 (incl. verzending) te bestellen via: verkoop@kvok.nl. Een voorproefje van het artikel is hier te vinden.